Jugo - De humeurige koning | Welkom op de officiële webpagina's van het Kroatisch Nationaal Bureau voor Toerisme.

Jugo - De humeurige koning

Jugo - De humeurige koning

Als je van de bura zegt dat het een felle wind is die zo hard kan blazen dat het gevaarlijk is voor watersporters (dat is overigens gelukkig alleen in de winter), kan je hetzelfde niet nog een keer zeggen van die andere belangrijke wind op de Adriatische Zee, maar dat deze wind voor stevige problemen kan zorgen op zee, staat buiten kijf.

 

De jugo op de Adriatische Zee is een wind die vanuit het zuidoosten waait, ook al betekent de naam ‘zuiden’ in het Kroatisch. Je moet deze wind dan ook niet verwarren met de wind die echt uit het zuiden waait, dus in de richting van het noorden die oštro of "echte zuidenwind" wordt genoemd. Die wind heeft overigens dezelfde eigenschappen en vaak gaan de jugo en de oštro in elkaar over. Om het verschil tussen de twee te benadrukken noemen de inwoners van Dubrovnik en de rest van het zuidelijke Adriatische gebied de jugo šilok.

 

Hij waait twee keer per jaar, met dien verstande dat hij in het noordelijk deel van de Adriatische Zee vaker in de lente waait en in het zuidelijk deel in de herfst en de winter. Hij komt hoe dan ook vaker voor in het zuiden dan in het noorden. De jugo brengt warmte mee, lage luchtdruk en hoge luchtvochtigheid, bewolking en regen, vaak gepaard met onweer. Dat alles heeft invloed op het humeur, en aangezien dit weer normaal gesproken lang aanhoudt, komt de fjaka (een ontspannen, bijna lethargische levenshouding, typisch voor Dalmatië) dan de hoek kijken. Bovenstaande geldt allemaal voor de cyclonale jugo (het midden van de cycloon ligt dan in het westen van het Middellandse Zeegebied) die meestal in de winter waait. De andere jugo, de anticyclonale jugo is karakteristiek voor de lente en ontstaat in het zuiden van het Balkan schiereiland. Die jugo brengt geen regen mee en wordt steeds sterker naarmate de zon opkomt om bij zonsondergang weer af te zwakken. 

 

De jugo komt niet plotseling op, zoals de bura, maar gewoonlijk juist geleidelijk, over een periode van een dag of twee, of zelfs drie en wordt al sterker. Dus op een "jonge" jugo kan je uitstekend zeilen, ook wanneer hij sterker wordt, en degenen voor wie hij te hard waait hebben altijd voldoende tijd om dekking te zoeken voordat hij echt helemaal los gaat. Anders dan de bura, die in vlagen waait, is de jugo een gelijkmatige wind. Hij kan op elk moment van de dag waaien, maar meestal steekt hij in de ochtend op. Tegen het eind van de middag en in de avond gaat hij normaal gesproken liggen.

 

Vanaf de kant van de zee zorgt de jugo langs de eilanden voor de kust voor grote golven, terwijl hij in de kanalen tussen de eilanden en in de grote baaien (Vela Luka, Stari Grad, Mali Lošinj, etc.) niet voor grote golven zorgt; daar krijgt de wind echter wel extra snelheid. In de bredere kanalen, zoals bijvoorbeeld tussen Dugi otok, Ugljan en Pašman en dergelijke, kan je langs Dugi otok ‘sluipen’ zonder grote golven, maar wel met windvlagen vanwege de configuratie van het eiland.